Acteurs | Verhaal | Script | Verhaal vs film | Fouten & Feiten
Credits, Muziek & Awards | VHS/DVD | Trailer & Reviews | Fotogalerij

Het verhaal ‘The Body’ verscheen voor het eerst in het boek ‘Different Seasons’ (Viking Press, 1982). King gaf hiermee antwoord op de hem op één na meest gestelde vraag: “Schrijf je ook iets anders dan horrorverhalen?”
Hoewel alle vier de verhalen in dit boek (Rita Hayworth and Shawshank Redemption, Apt Pupil, The Body en The Breathing Method) toch wel enigszins raakvlakken met het angstaanjagende hebben, bewees King dat hij gewoon een allround schrijver is!

Het verhaal begint als volgt:

‘De belangrijkste dingen zijn het moeilijkst om te zeggen. Het zijn de dingen waarvoor je je schaamt, omdat woorden ze kleiner maken – woorden doen dingen die onbegrensd leken toen ze in je hoofd zaten, inkrimpen tot niets meer dan levensgroot als ze worden uitgesproken. Maar het is nog iets anders ook, geloof ik. De belangrijkste dingen liggen te dicht bij de plek waar je geheime hart begraven is, het zijn wegwijzers naar de schat die je vijanden graag zouden komen stelen. Bovendien kan het gebeuren dat je met veel pijn een onthulling doet, alleen om te merken dat de mensen je raar aankijken en helemaal niet begrepen hebben wat je zei, of waarom je het zelf zo belangrijk vond dat je bijna moest huilen toen je het zei. Dat is nog het ergste, denk ik. Wanneer het geheim binnenin opgesloten blijft, niet bij gebrek aan een verteller, maar bij gebrek aan een verstaander. Ik was twaalf, bijna dertien, toen ik voor het eerst een dood mens zag. Het gebeurde in 1960, lang geleden… hoewel het me soms niet eens zo lang lijkt. Vooral niet in nachten waarin ik wakker word uit de droom waarin de hagel in zijn open ogen valt.’

Er wordt wel beweerd dat dit verhaal één van de meest autobiografische en zelfanalytische onthullingen is van King. Joseph Reino  in ‘Stephen King, The First decade, Carrie to Pet Sematary’, vergelijkt in zijn analyse King met hoofdpersoon Gordie en zelfs met de overleden Ray Brower.

De spoorlijn in Lisbon Falls, waarschijnlijk een inspiratiebron voor het verhaal. (Bron: Stephen King Country, George Beahm)

Ook Douglas E. Winter refereert hieraan in zijn boek ‘Stephen King; The Art of Darkness’. Hij schrijft (vrij vertaald): “Het middelpunt van Different Seasons is de derde novelle, ‘Het Lijk’. Het verhaal is gepatenteerd autobiografisch, vertelt door een verteller, Gordon Lachance, een ‘dubbelganger’ van Stephen King – een bestseller schrijver van horror-fictie. Met de sub-titel ‘De Nadagen van de Onschuld’, gaat het verhaal over Lachance’s eerste blik op een dood menselijk wezen.
Stephen King’s eerste confrontatie met de dood was, volgens zijn moeder, op 4-jarige leeftijd, toen één van zijn speelkameraadjes werd gedood door een passerende trein. In ‘Het Lijk’ vertelt Lachance over een avontuur dat hij op 12-jarige leeftijd beleefde en waaraan hij zijn ontwikkeling als schrijver dankt: een meerdaagse zoektocht met drie vrienden door de bossen net buiten Castle Rock, Maine, op zoek naar het lichaam van een jongen die zou zijn gedood door een trein. Het verhaal ontvouwt zich door verhalen – inderdaad, twee van Lachance’s eerdere korte verhalen zijn herdrukt in de tekst (‘Stud City’ en ‘The Revenge of Lard Ass Hogan’, beide verhalen in feite vroege korte King-verhalen, oorspronkelijk gepubliceerd in universiteitsbladen).”

“De enige reden waarom mensen verhalen schrijven,” vertelt King ons hier, “is dat ze op die manier het verleden kunnen begrijpen en zich kunnen voorbereiden op een toekomstige sterfelijkheid.” Een terugkerend thema in de fictie van King is de voltooiing van het wiel, waarvan het draaien begint in de jeugd. “Het idee,” zo zegt hij, “is terug te gaan en je jeugd onder ogen te zien en het in zekere zin herbeleven als je dat kunt, zodat je één geheel wordt.” We worden achtervolgd door onze jeugd, door de dingen die we verloren op weg naar volwassenheid: de intensiteit van liefde en angsten, de talisman-achtige rituelen en voorwerpen van genegenheid, en de momenten van het begrip van onze plaats in het geheel. Om nu, als volwassene, over deze dingen te vertellen, vraagt een hoge prijs:

“De belangrijkste dingen liggen te dicht bij de plek waar je geheime hart begraven is, het zijn wegwijzers naar de schat die je vijanden graag zouden komen stelen. Bovendien kan het gebeuren dat je met veel pijn een onthulling doet, alleen om te merken dat de mensen je raar aankijken en helemaal niet begrepen hebben wat je zei, of waarom je het zelf zo belangrijk vond dat je bijna moest huilen toen je het zei. Dat is nog het ergste, denk ik. Wanneer het geheim binnenin opgesloten blijft, niet bij gebrek aan een verteller, maar bij gebrek aan een verstaander.” (inleiding van het verhaal, J.W.)

Dat geheim onthullen is moeilijk, zoals King betreurt: “De belangrijkste dingen zijn het moeilijkst om te zeggen, omdat woorden ze kleiner maken.” In ‘Het Lijk’ reikt hij meer in zijn eigen verleden dan in welk ander verhaal ook – een brug in de tijd overstekend, net als de schragen-spoorbrug die het decor vormt voor de meest beangstigende scene uit het verhaal. Wat hij vindt zijn herinneringen aan jeugdvriendschappen, aan lol en waaghalzerij, aan tranen en pijn, die brug (net als de schragenbrug) is verdwenen, maar de verteller – en zijn verhaal – blijven bestaan.”

In een interview met Michael J. Bandler (Parents Magazine, January 1982) legt King uit wat hij bedoelt met het ‘wiel’ waaraan hij eerder refereerde: “Ik heb het boek (Different Seasons, J.W.) geschreven over twee paralelle lijnen: het verhaal over wat ze deden als kinderen en het verhaal over wat ze doen als volwassenen… Ik ben geïnteresseerd in het concept van het afronden van iemand’s jeugd als het compleet maken van een wiel. Het idee is terug te gaan en je jeugd onder ogen zien en het in zekere zin te herbeleven, zodat je één geheel wordt.”

George Beahm schrijft in zijn boek ‘The Stephen King Story’ dat ‘Het Lijk’ één van King’s beste werken is, gebaseerd op verschillende gebeurtenissen uit zijn leven. Volgens King was zijn oorspronkelijke inspiratiebron schrijver en voormalig college roommate George McLeod, die hem vertelde over een hond die door een trein werd geschept. Volgens King zou McLeod hier zelf een verhaal over schrijven, maar heeft hij dat nooit gedaan. Vijf jaar later zei King tegen McLeod dat hij zijn idee had gebruikt om een verhaal te schrijven over een paar kinderen die een spoorweg afwandelen, op zoek naar het lichaam van een jongen. Maar een idee is nog geen verhaal, zei King. “Ik heb een hoop van mijn eigen jeugdgevoelens in het verhaal gestopt.” Eén van die gebeurtenissen was, zoals al eerder vermeld, toen King 4 jaar oud was en in Stratford, Connecticut woonde. Op een dag kwam hij thuis van het spelen met een vriendje en was hij compleet in shock. Zijn vriendje was voor zijn ogen onder een vrachttrein gekomen…

Jeugdvriend Chris Chesley bij Runaround Pond in Durham.

Een andere gebeurtenis vond plaats in Durham, Maine, waar een boot-ongeluk had plaatsgevonden in Runaround Pond, vlakbij Chris Chesley’s huis (jeugdvriend van King, J.W.). Chesley: “Een vriend van mij zei tegen mij en Steve, “Willen jullie een lijk zien?” “Waarom niet?” zeiden we. “Da’s geweldig! Geen probleem!” Toen we bij Runaround Pond kwamen hadden ze het lijk net uit het water gehaald en stonden er lichten op gericht. Ze hadden het nog niet bedekt. Het was een leerzame ervaring voor ons alledrie; het was geen pretje om te zien.”

Beahm gaat nog wat verder met de uitleg van autobiografische elementen in het verhaal: “Als je weet dat King als kind een lijk heeft gezien, als je weet dat hij als kind dik was (hij zou op Vern Tessio hebben geleken, J.W.) en verlegen en als je weet dat hij het erg moeilijk heeft gehad met het feit dat zijn moeder aan kanker overleed, kun je zijn geschreven werk intensiever beleven.”

Volgens schrijver David Lowell uit Maine komen de meeste namen die worden gebruikt in het verhaal voor in de New England Telephone Directory uit de jaren ’70. Lachance, Merrill, Hogan (‘Lard Ass Hogan’ is ook de naam van een bowlinghal in het plaatsje Lisbon Falls), Desjardins, Dougherty, Thomas, Cote, Gamache, Charbonneau, Cormier en Duchamp (hoewel Ducharme in het telefoonboek) en Tessio (hoewel Tessier in het telefoonboek) zijn allen namen uit die streek. Ook plaatsen en plaatsnamen gebruikt in het verhaal bestaan vaak echt in het gebied rondom Durham: de Hillcrest Chicken Farm, de Royal River, Shiloh Church en WLAM (hoewel WALM in het verhaal) bestaan echt. De verhalen binnen in het verhaal zijn ook echt. King publiceerde het korte verhaal ‘Stud City’ in het herfstnummer van Ubris in 1969 en het verhaal ‘The Revenge of Lard Ass Hogan’ verscheen in juli 1975 in het blad Maine Review.

In de zomer van 1985 begon Rob Reiner met de verfilming van het verhaal ‘The Body’, dat in aangepaste filmversie ‘Stand By Me’ zou gaan heten. Als niet-horrorverhaal zou het een aanzienlijke verandering zijn dan wat het filmgaand publiek van King gewend was. Reiner, zelf geen horror-fan, koos het verhaal omdat het bij hem een gevoelige snaar raakte. Als leeftijdgenoot van King vond hij dat het verhaal, universeel en tijdloos als ‘opgroei-verhaal’, ook bij hem herinneringen aan zijn jeugd opriep.

Filmposter 1986

Toen de film ‘Stand By Me’ in juli 1986 in een paar theaters in Amerika in première ging, werd de connectie met Stephen King opzettelijk verzwegen. Men hoopte dat positieve mond-op-mond reclame ervoor zou zorgen dat een groot publiek van de film zou horen en dat de film uiteindelijk in een paar honderd theaters zou kunnen gaan draaien. Mochten de reviews slecht zijn, dan kon er altijd op King worden teruggevallen om zodoende de verliezen in een vroeg stadium te beperken. Het maken van de film had tenslotte $8 miljoen gekost.
De veel te beknopte reviews van ‘Stand By Me’, in USA Today samengevat als ‘Een jongen en zijn vrienden gaan op pad op een lijk te vinden.’, deden niets af aan de diepere betekenis achter de film, hetgeen Rob Reiner in de eerste plaats had aangetrokken en dat zijn eigen publiek zou moeten vinden.
‘Stand By Me’ ging in slechts 16 theaters in Amerika in première, maar het volgende gebeurde. De film bleek onverwacht het hitsucces van de zomer te worden, een ‘sleeper’ zoals de filmindustrie het noemt. Het publiek reageerde in eerste instantie ontkennend, toen verrast, gevolgd door verbazing en uiteindelijk toegeeflijk bewonderend toen ze zich realiseerden dat het écht een Stephen King verhaal was. Door de aandacht te vestigen op het eigenlijke verhaal – een tijdloze, aangrijpende vertelling over vier jongens die van puberteit naar vroege volwassenheid overgaan – liet Reiner zien dat een King film niet alleen winstgevend was, maar dat King ook zeer effectief vertaald kon worden naar het witte doek; de essentie van een King verhaal kon geheel worden verfilmd.

In een interview met Gary Wood (Cinefantastique) legt Reiner uit: “Als men King’s boeken leest, en omdat zo veel mensen zijn films hebben gezien, gaat men ervan uit dat King gewoon een horror-schrijver is; maar als men zijn boeken écht goed leest, ontdekt men dat hij gewoon een briljant, briljant schrijver is. Zijn personages zijn zeer goed opgebouwd, zijn dialogen geweldig, zijn referenties fantastisch. Hij is gewoon een hele goede schrijver. Ik denk dat één van de redenen waarom King zo populair is, is omdat hij het horror-aspect, het bovennatuurlijke aspect in zijn werk gebruikt. Daar houden mensen van. Maar als je die aspecten weglaat en alleen naar de personages in zijn verhalen kijkt – is hij heel goed. Dat is wat mij bijzonder aantrok in het verhaal ‘The Body’, maar dan het horror-aspect, want ik ben zelf geen horror-fan. Voor mij was het gewoon een karakterstuk over vier jongens die een overgangsritueel doorstaan.”

Toen Stephen King de film net had gezien en Rob Reiner hem naar zijn reactie vroeg, zei King: “Ik moet even weg.”, aldus Reiner in ‘Stephen King At The Movies’. Na een kwartier kwam King terug en sprak lange tijd met Reiner over de film. Hij was zichtbaar ontroerd en vertelde hoe dicht de verfilming bij zijn eigen leven kwam. Het is geen geheim dat King teleurgesteld is dat veel van zijn verhalen verprutst zijn door filmmakers, maar Stand By Me is daarop een uitzondering. In een interview met Tim Hewitt in Cinefantastique zei King over ‘Stand By Me’: “The finest thing that’s ever been made of my work.”

Insight’s David Brooks schreef: “Wie had kunnen voorspellen dat een film, laat staan een goede film, gemaakt zou kunnen worden naar een verhaal over vier 12-jarige jongens die gaan wandelen om een dode jongen te vinden?” Brooks concludeerde dat de film een ‘verbluffende prestatie’ was en een ‘krachtige, aangrijpende en compleet originele film’ was.
‘Stand By Me’ bracht datzelfde jaar nog $46 miljoen op…

In Nederland verscheen het verhaal ‘Het Lijk’ in verschillende uitgaven.

Het verhaal werd ook uitgegeven als Audiobook (Engelstalig).   

The Body read by Frank Muller
Type: Cassette
Uitgever: Penguin Books
Verschenen: 01/01/2000
Aantal cassette’s: 4
ISBN: 0141800127

Follow by Email
YouTube